Mijn winkelmandje

 x 

Winkelwagen is leeg

DHEA en de kwaliteit van leven na behandeling van een hypofysetumor, Dr. A.M. Pereira, 2004

Vaak houden patiënten die behandeld zijn voor een hypofyseaandoening fysieke en psychische klachten, zonder dat de MRI-scan of de bloedspiegel een abnormaal beeld geven. Om die reden heeft het LUMC nader onderzoek opgezet waarin aan de hand van vier vragenlijsten  patiënten zijn geïnterviewd die al geruime tijd “genezen waren verklaard” van craniofaryngeoom, acromegalie en de ziekte van Cushing. Een antwoorden zijn vergeleken met een controlegroep, bestaande uit gezonde mensen van gelijke leeftijd en geslacht. De vier vragenlijsten hadden betrekking op de volgende onderwerpen: 

- angst en depressie
- algemeen welbevinden
- pijn, energie, slaap, emotionele reacties, sociale isolatie en fysieke mobiliteit
- lichamelijke en geestelijke vermoeidheid

Patiënten hebben meer problemen
De conclusie was dat de groep patiënten opmerkelijk hoger scoort op de onderdelen problemen met energie, emoties, slaap, en isolement dan de controlegroep.

Onderzoek naar het effect van DHEA
Dit roept de vraag op 'hoe nu verder?'.  Daarbij is de keuze gemaakt te kijken naar de aansturing van de hypofyse, omdat daar mogelijk een antwoord te vinden is die het verschil in score op de vragenlijsten verklaart. Gekozen is voor een onderzoek bij patiënten die lijden aan panhypopituïtarisme en te kijken naar de bijdrage van het DHEA hormoon genoemd.

De studie is placebo gecontroleerd en dubbelblind uitgevoerd, bij twee groepen van patiënten, door loting aan de groepen toegewezen. Zestien weken lang kreeg de ene groep het DHEA hormoon toegediend en de andere groep een placebo (een ‘neppil’) en na een rustperiode van acht weken werd de werkwijze omgekeerd.

Verbetering
De resultaten van het onderzoek zijn zeer interessant: op de punten depressie, sociaal functioneren en gezondheid treedt bij de groep die vier maanden lang DHEA heeft gebruikt een belangrijke verbetering op in de kwaliteit van leven.

Hierover is door de heren J. Romijn, J.W.A. Smit en S.W.J. Lamberts van de medische faculteit van de Universiteit van Leiden en de medische faculteit van de Erasmus Universiteit Rotterdam gepubliceerd in het European Journal of Endocrinology. Deze publicatie is er mede op gericht een breder draagvlak te krijgen binnen de eigen beroepsgroep.