Mijn winkelmandje

 x 

Winkelwagen is leeg

De langste man ter wereld (2007)

Dierenarts Leonid Stadnik, 37 jaar, 2.58 meter lang, woonachtig in het dorpje Podoliantsy in de Oekraïne, is in het Guinness Book of Records 2008 opgenomen als de grootste mens ter wereld. Dat stond kort geleden in de krant. Voor de meeste krantenlezers is het een grappig nieuwtje. Maar als hypofysepatiënt krijg je daar een heel ander gevoel bij. Je vraagt je af hoe het leven van Stadnik, die uiteraard acromegalie patiënt is, er uit ziet. Hoe ervaart hij het om in de media te worden gepresenteerd als ‘bezienswaardigheid’? Welke medische zorg krijgt hij? Hoe ziet zijn toekomst eruit? Via internet heb ik zijn verhaal bij elkaar gezocht.

Opvallend slim

Als kind was Stadnik klein voor zijn leeftijd, maar opvallend slim. Hij slaagde voor zijn eindexamen met de hoogste cijfers van de klas. Daarna volgde hij met veel succes een opleiding voor dierenarts. Maar voordat het zover was, had Stadnik’s leven een vreemde wending genomen. Op internet kom je verschillende verklaringen omtrent zijn aandoening tegen. Een auto-ongeluk op jonge leeftijd?  Een waterhoofd? Een goedaardige hersentumor? Of toch ‘gewoon’ een hypofysetumor? Dat lijkt het meest voor de hand te liggen.

30 cm per jaar
In ieder geval, toen Stadnik twaalf jaar was begon zijn hoofd op te zwellen.  De artsen wisten niet wat de oorzaak was, maar ze brachten een drain aan en het probleem leek opgelost. Eigenlijk moest hij hierna terugkomen voor controle, maar dat is nooit gebeurd. Met zijn gezondheid en op school ging alles goed - en de operatie was heel vervelend geweest. Geld zal ook wel een rol gespeeld hebben. Maar vanaf zijn veertiende jaar begon Stadnik enorm te groeien, zo’n 30 cm per jaar. Hij werd langer en langer. Hij paste niet meer door de voordeur van zijn huis. Hij paste niet meer in de stoeltjes van de bus, waardoor hij zittend in het gangpad moest reizen. Later paste hij niet meer in het openbaar vervoer.

Staatspensioen van zo’n 1500 euro per jaar

In 2006 verscheen een artikel in een Russische krant, waarin Stadnik, die nog steeds groeide, vertelt dat hij bijna niet meer kan lopen en dringend behoefte heeft aan een operatie, maar die niet kan betalen. Zijn beroep als dierenarts, dat hij jaren lang met veel plezier heeft uitgeoefend, heeft hij in 2002 op moeten geven, omdat hij ernstige last had van bevriezing van vingers en tenen; het kan in de winter in de Oekraïne wel 30 graden onder nul worden. In het stuk wordt verteld dat een groep Oekraïense zakenlieden Stadnik een paar schoenen op maat (zijn voeten zijn 43 cm lang: maat 62) geschonken – onbetaalbaar voor Stadnik, die nu rond moet zien te komen van een staatspensioen van zo’n 1500 Euro per jaar.

Het leven is duur voor Stadnik. Ieder kledingstuk moet op maat gemaakt worden, evenals allerlei dagelijkse gebruiksvoorwerpen, zoals een stoel, een tafel, en ga zo maar door. Van de zakenlieden kreeg hij ook een satellietschotel en een computer kado. Stadnik heeft inmiddels een eigen website, www.leonidstadnik.org, maar die is al sinds 2005  ‘under construction’. Er staat niet veel op, behalve een artikel uit een Engelse krant. Titel: Why I hate being the tallest man in the world. De journalist beschrijft Stadnik als een zacht sprekende, in zichzelf gekeerde man. Hij woont samen met zijn invalide moeder van 63 jaar en een ongetrouwde zus op een boerderij in Podoliantsy, een dorpje met 9118 inwoners, in de Oekraïne.

Paard en wagen

Stadnik heeft weinig zin in alle media aandacht. ‘Ik schiet er niks mee op. Ik heb helemaal geen zin om voortdurend opgemeten te worden en ik zit er zeker niet op te wachten op het Guinness Book of Records. Ik heb wel wat beters te doen – zoals in mijn onderhoud voorzien.’ Stadnik leeft van het kweken van bieten, knoflook, uien en fruit op een stukje land dat behoort aan zijn familie. Verder houdt hij koeien, kippen, paarden en varkens. Maar het leven is zwaar. Stadnik kan moeilijk bukken en heeft last van evenwichtsstoornissen. Door zijn enorme gewicht (200 kg) worden zijn gewrichten zwaar belast. Ongetwijfeld heeft hij hier veel pijn aan.

Exotische planten
Als hobby kweekt hij exotische planten. Tuinieren is voor Stadnik een manier om zich terug te trekken uit de wereld. Op de schrijver van het artikel maakt hij een verlegen, eenzame indruk. Stadnik, die zich uitsluitend kan verplaatsen met paard en wagen, komt zelden buiten het dorp. Een vriendin heeft hij niet. ‘Misschien omdat ik hier in zo’n afgelegen dorpje woon, dat ik niemand ontmoet. Maar ik voel me ook anders dan anderen. Ik ken veel mensen, maar veel vrienden heb ik niet. ’t Liefst ben ik samen met mijn moeder.’ Over zijn lengte zegt hij: ‘Door mijn lengte voel ik me vaak hulpeloos. Ik zie het als een straf van God. Ik zou het liefst zoals iedereen willen zijn –maar dat ben ik niet. Ik zou gewoon een normaal leven willen leiden.’

Watermeloen, zonnebloem en pompoenzaden

In 2005 kwam Dr. Jim Sperber, een internist uit San Clemente, Californië, USA, die net hersteld was van een agressieve vorm van kanker, een artikel tegen over Stadnik. Hij las dat Stadnik ten dode opgeschreven was omdat zijn tumor maar groeihormoon bleef produceren en een operatie niet mogelijk was. Sperber wilde contact opnemen met Stadnik, maar hij had geen adres. Op goed geluk schreef hij Stadnik’s naam, het naam van zijn dorp in de Oekraïne en de naam van de provincie op een enveloppe. Sperber, die net als Stadnik dol is op tuinieren, stuurde hem zaadjes: watermeloen, zonnebloem en pompoenzaden. Sperber schreef een brief in het Engels en voor de zekerheid ook in het Duits - en hoopte er het beste van. Na 6 weken kreeg hij een brief terug– in het Oekraïens. Met behulp van een docent Russisch aan de universiteit ontcijferde Sperber de brief. Ondertussen had Stalid contact gezocht met de onderwijzer Engels in het dorp. Zo begonnen de mannen een ongewone correspondentie. 

Een zacht briesje

‘Tuinieren is wat ik het allerliefste doe’ schreef Stalid aan Sperber. ‘Het gekwetter van de vogels, een zacht briesje, de stilte om me heen – dan vergeet ik al mijn zorgen en problemen en vind ik rust. Het liefst zit ik op een bankje onder de krentenboom, waar ik niemand zie – en niemand mij ziet.’ Omdat Stadnik zoveel aandacht in de media krijgt, ontvangt hij wel vaker post van onbekenden: meestal van sensatiezoekers, of van zakenlieden die hem een leuke gimmick vinden. Maar de brief van Sperber was anders. ‘Jim’s brief was zo vriendelijk en het was zo overduidelijk dat zijn bedoelingen goed waren – geen spoor van sensatiezucht of pedanterigheid, of dat hij mij belachelijk wilde maken. Dus ik heb geantwoord. Ik ben God dankbaar dat Hij mij in contact heeft gebracht met deze man die zo ver weg woont, die zo anders is dan ik en met wie ik toch zo veel gemeen heb’, vertelde Stalid aan een journalist van de Orange County Register, toen die hem opzocht in de Oekraïne.

Operatie
In 2006 kreeg Stadnik, die nog steeds groeide en inmiddels ook slecht was gaan te zien, te horen dat hij zou sterven aan de complicaties veroorzaakt door zijn groei, als dit zo door zou gaan. Maar een operatie was uitgesloten, aldus zijn artsen. Het zou te riskant zijn. In een brief vertelde Stalid aan Sperber het slechte nieuws. Sperber had zoveel medelijden met zijn vriend dat hij besloot om naar de Oekraïne gaan. Sperber: ‘Ik wilde dat Leonid naar de Verenigde Staten zou komen om geopereerd te worden. Want ik ben me er heel erg van bewust dat ik zelf, als ik in de Oekraïne was geboren, mijn kanker niet had overleefd’.  Sperber reisde naar Podoliantsy. Hij nam Stadnik’s maten op, om te kijken of/hoe hij eventueel in een vliegtuig zou kunnen reizen. Ook nam hij bloed af om te laten onderzoeken in Amerika. Maar toen de uitslag van het bloedonderzoek kwam, bleek tot ieders verbazing dat het groeihormoongehalte in Stadnik’s bloed normaal was.

De verklaring van de artsen was dat de tumor zichzelf ‘doodgegroeid’ had, dat er geen bloedtoevoer meer naartoe was. Zeer ongebruikelijk, maar een andere verklaring kon men niet bedenken. Latere bloedonderzoeken hadden dezelfde uitslag: het groeihormoongehalte was normaal. De operatie was van de baan. Stadnik, die inmiddels erg depressief en wanhopig was geworden, vertelt: ‘Ik was dolblij toen ik die uitslag hoorde. Ik voel weer kracht door mijn lichaam stomen, energie, en de wil om te leven.’

Een normaal leven..?
Afgelopen april ging Sperber opnieuw naar de Oekraïne om Stadnik te bezoeken. Hij had onder zijn eigen patiënten zo’n 2200 dollar ingezameld. Doel: het betalen van Stadnik’s medicijnen, want de kosten van de benodigde hormoonvervangers zijn voor een boer in de Oekraïne niet te betalen. Stadnik vertelde Sperber over de reacties die hij krijgt van de buitenwereld. Mensen gapen hem aan, wijzen hem na of vragen om een handtekening. ‘Die psychische stress vind ik bijna nog moeilijker om mee om te gaan dan de praktische problemen in mijn dagelijkse leven. Ik doe mijn uiterste best om me niet teveel aan te trekken van de onwetendheid, het gebrek aan beleefdheid en de ongegeneerde nieuwsgierigheid die ik tegenkom. Maar soms lukt dat gewoon niet’.

De toekomst
Ook spraken ze over de toekomst. Hoe moet Stadnik in zijn onderhoud voorzien als hij straks 50, 60 jaar is en niet meer het land kan ploegen of de koeien melken? Een stuk land verhuren misschien? Of zijn naam verbinden aan een advertentiecampagne, als die tenminste ‘smaakvol’ is? Stadnik vindt het moeilijk om zo ver vooruit te kijken. ‘Ik heb altijd een normaal leven willen leiden en daar heb ik mijn uiterste best voor gedaan, ondanks alle moeilijkheden. Ik heb gestudeerd, gewerkt en geploeterd, onder het motto: Wie niet werkt zal niet eten. Nu ziet mijn leven er ineens heel anders uit. Ik heb een normale levensverwachting. En ik begin nu eindelijk de voordelen van mijn lengte te zien, in plaats van alleen maar de nadelen. Ik zou bijvoorbeeld graag eens wat verder van huis te kijken dan die 5 tot 7 km die ik met paard en wagen kan afleggen.’ Niet dat Stadnik van plan is om binnen kort op het vliegtuig naar Amerika te stappen. Maar hij en Sperber corresponderen nog steeds.