Mijn winkelmandje

 x 

Winkelwagen is leeg

Geen hypofyse, wel een topjob!

‘Ik ben op mijn vijftiende geopereerd aan een craniofaryngeoom, tijdens die operatie zijn zowel de tumor als mijn hypofyse geheel verwijderd. Maar ik merk er weinig van, behalve dat ik af en toe tegen een deurpost aan loop, omdat ik een deel van mijn gezichtsveld mis.’

Connie is 24 jaar. Al op jonge leeftijd ontwikkelde ze een voorkeur voor baantjes in de horeca. Ze bezocht de Hotelschool, werkte in restaurants, cafés en op een cruiseschip. Vanaf 1 augustus 2006 werkte zij als receptioniste bij NH Grand Hotel Krasnapolsky en sinds 1 juni 2007 is zij deskmanager bij dit grote hotel in het centrum van Amsterdam. Connie is ervoor verantwoordelijk dat alles goed loopt bij de receptie.

De leiding over 20 tot 25 medewerkers
Naast een aantal administratieve taken heeft ze de leiding over 20 tot 25 verschillende medewerkers, die werken in verschillende ploegendiensten. Connie werkt op onregelmatige tijden. Naast het in- en uitchecken van de gasten, ziet zij toe op de veiligheid in het hotel, beantwoordt vragen over 1001 onderwerpen en is alert op wensen en klachten van de gasten. In deze functie, in een hotel met 468 kamers, kun je je voorstellen dat Connie’s pieper soms 10 keer per minuut afgaat.

Stressbestendigheid lijkt een eerste vereiste voor deze baan.
‘Dat kun je wel zeggen. Soms denk ik wel eens: nu word ik gek! Maar dan haal ik een paar keer diep adem, tel rustig tot tien… en vervolgens ga ik er weer tegenaan! Iedere dag is hier weer anders. Wij krijgen hier allerlei soorten gasten; de diversiteit is enorm, dus dat is heel boeiend. Ook de taken die ik heb zijn heel afwisselend. We zitten nu midden in het toeristenseizoen, dus het is vaak druk en chaotisch. En iedere gast heeft persoonlijke aandacht nodig. Met zo’n 150 tot 200 check-ins en check-outs per dag is het hier eigenlijk altijd druk. Maar ik heb erg veel plezier in mijn werk – en ik kan het aan.’

Wat merken jouw werkgever en je collega’s van jouw aandoening?
‘Heel weinig. Ik slik mijn pilletjes en doe mijn werk. Verder praat ik er niet over. Tijdens mijn sollicitatiegesprek heb ik er niets over gezegd, dat heb ik bij sollicitaties in het verleden ook nooit gedaan. Ik heb dan wel een soort ‘handicap’, maar je merkt niks aan mij. Ik ben in principe een gezond mens en ik wil ook als een normaal mens behandeld worden. Soms komt het wel eens ter sprake, omdat bijvoorbeeld een collega zegt: ruik mijn nieuwe parfum eens. Maar ik kan niet meer ruiken!

Een heel belangrijk armbandje
Dus dan leg ik ‘t wel uit. Ik praat er op zich heel makkelijk over, maar ik wil er geen speciale aandacht op vestigen. Toen ik hier kwam werken heb ik het wel aan mijn naaste collega’s verteld, voor het geval dat er ooit iets met mij zou gebeuren. Ik vind het een prettig idee, dat zij weten wat er aan de hand is, dat zij weten dat er een heel belangrijk armbandje om mijn pols zit. En dat men dat even moet checken, mocht ik ooit een keer neervallen!’

Wat levert het werken je op?
’Heel veel. Het werken met en voor mensen is iets wat mij al op jonge leeftijd enorm aansprak. Ik vind het dan ook  geweldig als mensen een fijn verblijf hebben gehad en met een glimlach het hotel verlaten. Of wanneer ik een compliment krijg van een gast. Uiteraard heb ik ook te maken met klachten, maar dan vind ik het geweldig om samen met de gasten een oplossing te bedenken en het verblijf voor hen alsnog zo aangenaam mogelijk te maken.

Om eerlijk te zijn ben ik ook trots op mezelf dat ik dit bereikt heb, dat ik zelfstandig ben, dat ik zo’n leuke baan heb en dat ik al na korte tijd promotie heb gemaakt. Mijn ouders zeggen: je mag ook trots zijn, want je hebt er keihard voor gewerkt. En dat is waar.’

Je hebt een lange weg afgelegd, sinds je operatie.
‘Ik heb inderdaad het één en ander meegemaakt, medisch en ook psychisch. Toen ik na de operatie uit het ziekenhuis kwam, had ik geen idee wat mij nog te wachten stond. Dat vertelde niemand mij. Ik was 15 jaar, een leeftijd waarop je sowieso al heel onzeker bent. Dan kom je ineens 30 kg aan, en je gaat enorm groeien door al die hormonen. Pas na een jaar drong het tot mij door.Wat was er eigenlijk gebeurd met mij, en met mijn lichaam?

 Ik zag er helemaal niet uit zoals ik eruit wilde zien. Ik zat niet lekker in mijn vel, was absoluut niet blij met mezelf. Als puber was ik heel lastig. Achteraf heb ik heel erg medelijden met mijn ouders. Gelukkig kunnen we er nu om lachen, maar mijn ouders hebben echt hun handen vol gehad aan mij. Ik was zo erg! Ik ging overal tegenin, ik was altijd te laat, en ga maar door. Achteraf heb ik me pas gerealiseerd wat voor impact die operatie heeft gehad op mij. En op mijn familie.’

Hoe ben jij veranderd van een lastige puber in een vrouw met een goede baan?
‘Het keerpunt was mijn eindstage voor mijn studie aan de Hotelschool, in 2005. Ik mocht 4½ maand op een cruiseschip werken. Op dat schip ben ik mezelf heel erg tegengekomen. De discipline op het schip was heel goed voor mij. Voor die tijd was ik altijd heel laks, stelde dingen uit, was niet zo gemotiveerd. En de verleiding van het feesten en drinken was voor mij groot. Op zo’n schip wordt heel veel gefeest en gedronken, ook door het personeel. Maar als het uit de hand loopt en je krijgt vaker dan 3 keer een officiële waarschuwing, dan word je zonder pardon naar huis gestuurd. Dan is het afgelopen! Toen realiseerde ik me: ‘als ik hier wat van wil maken, moet ik nu serieus aan ’t werk.’

Voor mezelf opkomen
Ik heb ook moeten leren om voor mezelf op te komen op dat schip. Ik was helemaal op mezelf aangewezen daar, geen ouders die je even kunt bellen als er iets aan de hand is. Dus ik heb ook geleerd om van me af te bijten. Ik ben veel zekerder en zelfverzekerder van die reis teruggekomen. Ook qua uiterlijk. Het klinkt misschien vreemd, maar daar op dat schip liepen bijvoorbeeld mensen rond van 200 kg, Amerikaanse toeristen. Daardoor ga je toch op een andere manier naar jezelf kijken. Ik werd daar op dat moment dus heel zelfverzekerd van! Al met al ben ik van deze ervaring een ander mens geworden.’

Houd je nog tijd over voor jezelf, naast de drukke baan die je nu hebt?
‘Ik werk 5 dagen per week, 8 uur per dag. Als ik vrij ben ga ik lekker een dagje shoppen met een vriendin, een terrasje pakken, uit eten, lekker koken met een vriendin. Ik ben echt een gezelligheidsmens. Mijn vrije tijd is voor m’n vrienden en vriendinnen, mijn ouders, mijn zus, mijn broer, mijn familie. Veel vriendinnen van me, en mijn ouders, wonen in Bergen op Zoom, waar ik vandaan kom. Ik heb een vriend die in Breda woont. En daarnaast wil ik ook wel eens wat in Amsterdam doen. Soms is één en ander wel eens moeilijk te combineren.’

Kun je het werk goed aan, qua energie?
‘Ja. Ik hoor van heel veel mensen met een hypofyseaandoening dat ze altijd moe zijn, maar ik heb dat niet. Ik denk dat ik relatief geluk heb gehad. Ik ben wel eens moe natuurlijk, misschien wat meer dan iemand anders, en als ik een griepje heb ben ik daar wel wat zieker van, heb een wat langere nasleep, maar ‘t algemeen heb ik er niet veel moeite mee.’

Hoe gaat het werken in ploegendiensten? Slik je je medicijnen op wisselende tijden?
‘Nee, ik slik mijn medicijnen altijd op dezelfde tijden. Als ik bijvoorbeeld een nachtdienst heb gewerkt (van 11 uur ’s avonds tot 7 uur ’s ochtends) dan neem ik toch al mijn pillen pas in als ik klaar ben met werken, ook al ga ik daarna slapen. Ook het spuiten van het groeihormoon doe ik altijd ’s avonds, ongeacht of ik daarna nog moet werken of dat ik naar bed ga. Dit systeem werkt voor mij het beste.’

Heb je toekomstplannen? Een toekomstdroom?
‘Een managementfunctie in een hotel, liefst binnen het bedrijf of de keten waar ik nu werk, dat zou ik graag willen. Mijn ‘toekomstdroom’ is een eigen zaak. Een strandtentje op Curaçao, dat lijkt me wel wat!’

Tot slot, wat zou jij willen zeggen tegen de lezers van Hyponieuws?
‘Het accepteren van een “handicap” is soms heel erg moeilijk. Maar door een positieve houding kun je een heel goed leven hebben. Kijk naar de dingen die je wel hebt en niet naar de dingen die je niet hebt. Dat maakt het leven een stuk aangenamer.’